ANNEX IV
(Lijst bedoeld in artikel 22, lid 1, van deze verordening)
De punten geven niet altijd een volledige omschrijving van het product en de bijbehorende noten in bijlage I ( 13 ). Alleen bijlage I geeft een volledige omschrijving van de producten.
Vermelding van een product in deze bijlage laat de toepassing van de bepalingen betreffende massaproducten in bijlage I onverlet.
De termen tussen dubbele aanhalingstekens worden gedefinieerd in de algemene lijst met definities in bijlage I.
DEEL I
(mogelijkheid van een nationale algemene vergunning voor intracommunautair handelsverkeer)
Producten voor „stealth”-technologie
|
1C001 |
Materialen, speciaal ontworpen voor het absorberen van elektromagnetische straling, of intrinsiek geleidende polymeren. NB: ZIE OOK 1C101 |
|
1C101 |
Materialen en inrichtingen voor het beperken van de zichtbaarheid zoals de radarreflectie, het ultraviolet/infrarood of akoestische beeld, anders dan de materialen bedoeld in 1C001, geschikt voor gebruik in „raketten”, subsystemen van „raketten” of onbemande luchtvaartuigen als vermeld onder 9A012. Noot: 1C101 omvat niet materialen indien deze uitsluitend voor civiele toepassingen zijn geformuleerd. Technische noot: In 1C101 worden onder „raketten” complete raketsystemen en systemen voor onbemande luchtvaartuigen verstaan die een last kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km. |
|
1D103 |
„Programmatuur”, speciaal ontwikkeld voor de analyse van de beperking van de zichtbaarheid zoals de radarreflectie, het ultraviolet/infrarood of akoestisch beeld. |
|
1E101 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot betreffende het „gebruik” van goederen, bedoeld in 1C101 of 1D103. |
|
1E102 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot betreffende de „ontwikkeling” van „programmatuur”, bedoeld in 1D103. |
|
6B008 |
Gepulseerde radarsystemen voor het meten van de dwarsdoorsnede met een zendpuls-duur van 100 ns of minder en speciaal daarvoor ontworpen onderdelen. NB: ZIE OOK 6B108 |
|
6B108 |
Systemen, speciaal ontworpen voor radardwarsdoorsnedemeting, te gebruiken voor „raketten” en subsystemen daarvan. Technische noot: In 6B108 worden onder „raketten” complete raketsystemen en systemen voor onbemande luchtvaartuigen verstaan die een last kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km. |
Producten voor communautaire strategische controle
|
1A007 |
Apparatuur en toestellen als hieronder, die speciaal zijn ontworpen om explosieve ladingen en middelen die „energetische materialen” bevatten, op elektrische wijze tot ontploffing te brengen: NB: ZIE OOK DE LIJST MILITAIRE GOEDEREN, 3A229 EN 3A232. a. ontstekingsmechanismen met explosieve detonator die zijn ontworpen voor het starten van meervoudige detonatoren als bedoeld in 1A007.b. hieronder ; b. elektrisch gestarte explosieve detonatoren, als hieronder: 1. „exploding bridge” (EB); 2. „exploding bridge wire” (EBW); 3. „slapper”; 4. „exploding foil”-ontstekingen (EFI). Noot: 1A007.b. heeft geen betrekking op detonators die uitsluitend gebruikmaken van primaire springstoffen, zoals loodazide. |
|
1C239 |
Brisante springstoffen, anders dan bedoeld in de Lijst militaire goederen, of stoffen of mengsels met een gehalte van meer dan 2 gewichtspercenten aan deze springstoffen, met een kristaldichtheid groter dan 1,8 g/cm3 en een detonatiesnelheid groter dan 8 000 m/s. |
|
1E201 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor het „gebruik” van goederen, bedoeld in 1C239. |
|
3A229 |
Pulsgeneratoren met hoge stroomsterkte, als hieronder … NB: ZIE OOK DE LIJST MILITAIRE GOEDEREN |
|
3A232 |
Andere dan de hierboven in 1A007 bedoelde meervoudige ontstekingssystemen, als hieronder: … NB: ZIE OOK DE LIJST MILITAIRE GOEDEREN |
|
3E201 |
„Technologie” volgens de algemene technologienoot voor het „gebruik” van apparatuur, bedoeld in 3A229 of 3A232. |
|
6A001 |
Akoestische apparatuur, beperkt tot: |
|
6A001.a.1.b. |
Systemen voor de opsporing of plaatsbepaling van objecten, met één of meer van de volgende eigenschappen: 1. een zendfrequentie lager dan 5 kHz ; 6. ontworpen om een druk te weerstaan …; |
|
6A001.a.2.a.2. |
Hydrofoons … Met ingebouwde … |
|
6A001.a.2.a.3. |
Hydrofoons … Met een of meer … |
|
6A001.a.2.a.6. |
Hydrofoons … Ontworpen voor … |
|
6A001.a.2.b. |
‹Towed acoustic hydrophone arrays› … |
|
6A001.a.2.c. |
Verwerkingsapparatuur, speciaal ontworpen voor „realtimegebruik” met „towed acoustic hydrophone arrays”, met „toegankelijkheid van het programma voor de gebruiker” en verwerking en correlatie van tijd- of frequentiedomeinen, met inbegrip van spectrumanalyse, digitale filtering en bundelvorming met toepassing van snelle Fouriertransformatie („Fast Fourier transform”) of andere herleidingen of processen; |
|
6A001.a.2.e. |
Bodemkabelsystemen hydrofoon-„arrays” met één van de volgende eigenschappen: 1. met ingebouwde hydrofoons …, of 2. met ingebouwde multiplex-verzendingsmodules voor de signalen van de hydrofoongroep …; |
|
6A001.a.2.f. |
Verwerkingsapparatuur, speciaal ontworpen voor „realtime”gebruik met bodemkabelsystemen, met „toegankelijkheid van het programma voor de gebruiker” en verwerking en correlatie van tijd- of frequentiedomeinen, met inbegrip van spectrumanalyse, digitale filtering en bundelvorming met toepassing van snelle Fouriertransformatie of andere herleidingen of processen; |
|
6D003.a. |
„Programmatuur”, voor de „onvertraagde verwerking” van akoestische gegevens; |
|
8A002.o.3. |
Geluiddempingssystemen voor gebruik in schepen met een waterverplaatsing van 1 000 ton of meer, als hieronder: b. „actieve geluiddempings- of uitdovingssystemen” of magnetische lagers, speciaal ontworpen voor krachtoverbrengingssystemen, die elektronische regelsystemen bevatten geschikt voor actieve demping van de trillingen van de apparatuur door het voortbrengen van geluid of trilling onderdrukkende signalen die direct naar de bron worden teruggekoppeld; Technische noot: „Actieve geluiddempings- of uitdovingssystemen” bevatten elektronische regelsystemen die geschikt zijn voor actieve demping van de trillingen van de apparatuur door het voortbrengen van geluid of trilling onderdrukkende signalen die direct naar de bron worden teruggekoppeld. |
|
8E002.a. |
„Technologie” voor de „ontwikkeling”, de „productie”, het herstel, de revisie of het opknappen (opnieuw machinaal bewerken) van schroeven die speciaal zijn ontworpen om onderwatergeluid te beperken. |
Producten voor communautaire strategische controle — cryptoanalyse — categorie 5, deel 2
|
5A004.a. |
Apparatuur ontworpen of aangepast voor het uitvoeren van „cryptoanalytische functies”. Noot: 5A004.a. omvat systemen of apparatuur, ontworpen of aangepast voor het uitvoeren van „cryptoanalytische functies” door middel van reverse engineering. Technische noot: „Cryptoanalytische functies”: functies die zijn ontworpen om cryptografische mechanismen te omzeilen teneinde vertrouwelijke variabelen of gevoelige gegevens te verkrijgen, met inbegrip van niet-gecodeerde tekst, wachtwoorden of cryptografische sleutels. |
|
5D002.a. |
„Programmatuur” speciaal ontworpen of aangepast voor de „ontwikkeling”, de „productie” of het „gebruik” van: 3. apparatuur, als hieronder: a. apparatuur als omschreven in 5A004.a; b. apparatuur als omschreven in 5A004.b; |
|
5D002.c. |
„Programmatuur” die de kenmerken heeft of de functies uitoefent of simuleert van: 3. apparatuur, als hieronder: a. apparatuur als omschreven in 5A004.a; b. apparatuur als omschreven in 5A004.b; |
|
5E002.a. |
Uitsluitend „technologie” voor de „ontwikkeling”, de „productie” of het „gebruik” van de hierboven in 5A004.a., 5D002.a.3. of 5D002.c.3. bedoelde goederen. |
Producten voor MTCR-technologie
|
7A117 |
„Geleidingssystemen” geschikt voor gebruik in „raketten” met een systeemnauwkeurigheid van 3,33 % of minder van het bereik (een „CEP” van 10 km of minder bij een bereik van 300 km), uitgezonderd „geleidingssystemen”, ontworpen voor raketten met een bereik van minder dan 300 km of voor bemande luchtvaartuigen . Technische noot: In 7A117 is „CEP” (‹Circular Error Probable› of „Circle of Equal Probability”) een nauwkeurigheidsmaat, waaronder wordt verstaan de straal van de cirkel met het doel in het middelpunt, bij een bepaald bereik, waarbinnen 50 % van de nuttige ladingen terechtkomen. |
|
7B001 |
Test-, ijk- of uitrichtapparatuur, speciaal ontworpen voor apparatuur, als bedoeld in 7A117 hierboven . Noot: 7B001 heeft geen betrekking op test-, ijk- of uitrichtapparatuur voor „onderhoudsniveau I” of „onderhoudsniveau II”. |
|
7B003 |
Apparatuur, speciaal ontworpen voor de „productie” van apparatuur, als bedoeld in 7A117 hierboven . |
|
7B103 |
Speciaal ontworpen „productiefaciliteiten” voor apparatuur, bedoeld in 7A117 hierboven . |
|
7D101 |
„Programmatuur”, speciaal ontworpen voor apparatuur, als bedoeld in 7B003 of 7B103 hierboven . |
|
7E001 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor de „ontwikkeling” van apparatuur of „programmatuur”, bedoeld in 7A117, 7B003, 7B103 of 7D101 hierboven . |
|
7E002 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor de „productie” van apparatuur, bedoeld in 7A117, 7B003 en 7B103 hierboven . |
|
7E101 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor het „gebruik” van apparatuur, bedoeld in 7A117, 7B003, 7B103 en 7D101 hierboven . |
|
9A004 |
Ruimtelanceervoertuigen die een nuttige last van ten minste 500 kg kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km . NB: ZIE OOK 9A104. Noot 1: 9A004 is niet van toepassing op de nuttige lading. |
|
9A005 |
Raketvoortstuwingssystemen met vloeibare stuwstof die systemen of onderdelen bedoeld in 9A006 bevatten en die bruikbaar zijn in ruimtelanceervoertuigen, bedoeld in 9A004 hierboven, of sonderingsraketten, bedoeld in 9A104 hierna . NB: ZIE OOK 9A105 EN 9A119. |
|
9A007.a. |
Raketvoortstuwingssystemen met vaste brandstof die bruikbaar zijn in ruimtelanceervoertuigen, bedoeld in 9A004 hierboven, of sonderingsraketten, bedoeld in 9A104 hierna , met één of meer van de volgende eigenschappen: NB: ZIE OOK 9A119. a. een totaal impulsvermogen groter dan 1,1 MNs; |
|
9A008.d. |
Onderdelen, als hieronder, speciaal ontworpen voor raketvoortstuwingssystemen met vaste stuwstof: NB: ZIE OOK 9A108.c. d. regelsystemen voor het richten van de stuwkrachtvector van het inspuitstuk of de secundaire vloeistofinjectie, die bruikbaar zijn in ruimtelanceervoertuigen, bedoeld in 9A004 hierboven of sonderingsraketten, bedoeld in 9A104 hierna , en die geschikt zijn voor: 1. bewegingen langs alle assen over een hoek groter dan ± 5°; 2. vectorhoekrotaties van 20°/s of meer, of 3. vectorhoekversnellingen van 40°/s2 of meer. |
|
9A104 |
Sonderingsraketten die een nuttige last van ten minste 500 kg kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km. NB: ZIE OOK 9A004. |
|
9A105.a. |
Raketmotoren voor vloeibare stuwstof, als hieronder: NB: ZIE OOK 9A119. a. raketmotoren voor vloeibare stuwstof, geschikt voor gebruik in „raketten”, anders dan bedoeld in 9A005, geïntegreerd, ontworpen of aangepast om te worden geïntegreerd in een voortstuwingssysteem met vloeibare stuwstof met een totaal impulsvermogen gelijk aan of groter dan 1,1 MNs; uitgezonderd apogeummotoren voor vloeibare stuwstof, ontworpen of aangepast voor satelliettoepassingen en met alle volgende eigenschappen: 1. de diameter van de straalpijphals bedraagt ten hoogste 20 mm, en 2. de verbrandingskamerdruk bedraagt ten hoogste 15 bar. |
|
9A106.c. |
Systemen of onderdelen, andere dan bedoeld in 9A006, bruikbaar in „raketten” , als hieronder, speciaal ontworpen voor raketvoortstuwingssystemen met vloeibare stuwstof: c. subsystemen voor het regelen van de stuwstraalrichting, uitgezonderd subsystemen die zijn ontworpen voor raketsystemen die niet een nuttige last van ten minste 500 kg kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km . Technische noot: Voorbeelden van methoden om de stuwstraalrichting te regelen zoals bedoeld in 9A106.c. zijn: 1. buigzame straalpijp; 2. vloeistof- of secundaire gasinjectie; 3. beweegbare motoren of straalpijpen; 4. afbuiging van de uitlaatgasstroom (door vinnen of kleppen), of 5. het gebruik van stuwvlakken. |
|
9A108.c. |
Onderdelen, andere dan bedoeld in 9A008, bruikbaar in „raketten” , als hieronder , speciaal ontworpen voor raketvoortstuwingssystemen met vaste brandstof: c. subsystemen voor het regelen van de stuwstraalrichting, uitgezonderd subsystemen die zijn ontworpen voor raketsystemen die niet een nuttige last van ten minste 500 kg kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km . Technische noot: Voorbeelden van methoden om de stuwstraalrichting te regelen zoals bedoeld in 9A108.c. zijn: 1. buigzame straalpijp; 2. vloeistof- of secundaire gasinjectie; 3. beweegbare motoren of straalpijpen; 4. afbuiging van de uitlaatgasstroom (door vinnen of kleppen), of 5. het gebruik van stuwvlakken. |
|
9A116 |
Terugkeervoertuigen, geschikt voor gebruik in „raketten”, en apparatuur, speciaal ontworpen of aangepast daarvoor, uitgezonderd terugkeervoertuigen die zijn ontworpen voor het vervoeren van nuttige lading anders dan bewapening , als hieronder: a. terugkeervoertuigen; b. hitteschilden en onderdelen daarvan, gemaakt van keramische of ablatieve materialen; c. koelelementen en onderdelen daarvan, gemaakt van lichtgewichtmaterialen met een hoge warmtecapaciteit; d. elektronische apparatuur, speciaal ontworpen voor terugkeervoertuigen. |
|
9A119 |
Individuele rakettrappen geschikt voor gebruik in complete raketsystemen of onbemande luchtvaartuigen die een nuttige last van ten minste 500 kg kunnen vervoeren over een afstand van ten minste 300 km, andere dan bedoeld in 9A005 of 9A007.a. hierboven . |
|
9B115 |
Speciaal ontworpen „productieapparatuur” voor de systemen, subsystemen en onderdelen in 9A005, 9A007.a., 9A008.d., 9A105.a., 9A106.c., 9A108.c., 9A116 of 9A119 hierboven . |
|
9B116 |
Speciaal ontworpen „productiefaciliteiten” voor de ruimtelanceervoertuigen, bedoeld in 9A004, of systemen, subsystemen en onderdelen bedoeld in 9A005, 9A007.a., 9A008.d., 9A104, 9A105.a., 9A106.c., 9A108.c., 9A116 of 9A119 hierboven . |
|
9D101 |
„Programmatuur”, speciaal ontwikkeld voor het „gebruik” van de hierboven in 9B116 bedoelde goederen. |
|
9E001 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor de „ontwikkeling” van apparatuur of „programmatuur” als omschreven in 9A004, 9A005, 9A007.a., 9A008.d., 9B115, 9B116 of 9D101 hierboven . |
|
9E002 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor de „productie” van uitrusting als omschreven in 9A004, 9A005, 9A007.a., 9A008.d., 9B115 of 9B116 hierboven . Noot: Zie 1E002.f. voor „technologie” voor de reparatie van in de lijst bedoelde constructies, laminaten of materialen. |
|
9E101 |
„Technologie”, overeenkomstig de algemene technologienoot, voor de „ontwikkeling” of de „productie” van uitrusting als omschreven in 9A104, 9A105.a., 9A106.c., 9A108.c., 9A116 of 9A119 hierboven . |
|
9E102 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor het „gebruik” van ruimtelanceervoertuigen bedoeld in 9A004, 9A005, 9A007.a., 9A008.d., 9A104, 9A105.a., 9A106.c., 9A108.c., 9A116, 9A119, 9B115, 9B116 of 9D101 hierboven . |
Vrijstellingen:
Bijlage IV is niet van toepassing op producten voor MTCR-technologie die:
worden overgebracht ingevolge een bestelling krachtens een contractuele verbintenis, van het Europees Ruimteagentschap (ESA) of die door het ESA worden overgebracht ten einde zijn officiële taken te vervullen;
worden overgebracht ingevolge bestellingen krachtens een contractuele verbintenis, van de nationale ruimteorganisatie van een lidstaat of die door deze organisatie worden overgebracht om haar officiële taken te vervullen;
worden overgebracht ingevolge bestellingen krachtens een contractuele verbintenis, in verband met een communautair ruimtevaartprogramma voor ontwikkeling en productie dat door twee of meer Europese regeringen is ondertekend;
worden overgebracht naar een door de staat gecontroleerde ruimtevaartbasis op het grondgebied van een lidstaat, tenzij die lidstaat krachtens deze verordening de overbrenging van de betrokken producten controleert.
DEEL II
(nationale algemene vergunningen voor intracommunautair handelsverkeer niet mogelijk)
Producten uit hoofde van het Verdrag inzake chemische wapens
|
1C351.d.4. |
ricine; |
|
1C351.d.5. |
saxitoxine; |
Producten voor NSG-technologie
Categorie 0 van bijlage I is in haar geheel opgenomen in bijlage IV, met uitzondering van de volgende materialen:
gescheiden plutonium;
„uraan, verrijkt in de isotopen 235 of 233” tot meer dan 20 %;
|
1B226 |
Elektromagnetische isotopenscheiders, ontworpen voor of uitgerust met enkelvoudige of meervoudige ionenbronnen die een totale ionenbundelstroom van 50 mA of meer kunnen leveren. Noot: 1B226 omvat tevens scheiders: a. geschikt voor het verrijken van stabiele isotopen; b. waarbij de ionenbronnen en collectors zich in het magneetveld bevinden en configuraties waarbij deze zich buiten het veld bevinden. |
|
1B231 |
Tritiuminstallaties of -fabrieken, en apparatuur daarvoor, als hieronder: a. installaties of fabrieken voor het produceren, terugwinnen, extraheren, concentreren of behandelen van tritium; b. apparatuur voor tritiuminstallaties of -fabrieken, als hieronder: 1. waterstof- of heliumkoeleenheden die kunnen koelen tot 23 K (– 250 °C) of lager, met een warmteafvoercapaciteit van meer dan 150 W; 2. opslag- of zuiveringssystemen voor waterstofisotopen die gebruikmaken van metaalhydriden als opslag- of zuiveringsmedium. |
|
1B233 |
Installaties of fabrieken voor het scheiden van lithiumisotopen en apparatuur daarvoor, als hieronder: a. installaties of fabrieken voor het scheiden van lithiumisotopen; b. apparatuur voor de scheiding van lithiumisotopen, als hieronder: 1. gestapelde kolommen voor vloeistof-vloeistofwisselkolommen, speciaal ontworpen voor lithiumamalgamen; 2. kwik- en/of lithiumamalgaampompen; 3. lithiumamalgaam-elektrolysecellen; 4. verdampers voor geconcentreerde lithiumhydroxideoplossingen. |
|
1C012 |
Materialen, als hieronder: Technische noot: Deze materialen worden doorgaans voor nucleaire warmtebronnen gebruikt. b. „door opwerking verkregen” neptunium-237 in iedere vorm. Noot: 1C012.b. heeft geen betrekking op zendingen die hoogstens 1 g neptunium-237 bevatten. |
|
1C233 |
Lithium, verrijkt in de lithium-6-isotoop (6Li) tot meer dan de natuurlijke abundantie, en producten of toestellen die verrijkt lithium bevatten, als hierna: elementair lithium, legeringen, lithiumverbindingen, mengsels die lithium bevatten, fabricaten daarvan en afval of schroot van deze stoffen. Noot: 1C233 is niet van toepassing op thermoluminescentie-stralingsmeters. Technische noot: De natuurlijke abundantie van de lithium-6-isotoop is ongeveer 6,5 gewichtspercenten (7,5 % op atomaire basis). |
|
1C235 |
Tritium, tritiumverbindingen en mengsels welke tritium bevatten, waarin de verhouding van het aantal tritiumatomen tot het aantal waterstofatomen groter is dan 1:1 000, en producten of toestellen die een van voorgaande stoffen bevatten. Noot: 1C235 heeft geen betrekking op een product of toestel dat minder dan 1,48 × 103 GBq (40 Ci) tritium in welke vorm dan ook bevat. |
|
1E001 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot voor de „ontwikkeling” of „productie” van apparatuur of materialen, bedoeld in 1C012.b. |
|
1E201 |
„Technologie” overeenkomstig de algemene technologienoot betreffende het „gebruik” van goederen, bedoeld in 1B226, 1B231, 1B233, 1C233 of 1C235. |
|
3A228 |
Schakelelementen, als hieronder: a. buizen met koude kathode, al dan niet met gas gevuld, die op dezelfde wijze als een vonkbrug werken, en alle volgende eigenschappen hebben: 1. drie of meer elektroden; 2. een maximale anodespanning van 2,5 kV of meer; 3. een maximale anodestroomsterkte van 100 A of meer, en 4. een anodevertragingstijd van 10 μs of minder; Noot: Onder 3A228 vallen met gas gevulde krytronbuizen en vacuümsprytronbuizen. b. gestuurde vonkbruggen met beide volgende eigenschappen: 1. een anodevertragingstijd van 15 μs of minder, en 2. een toelaatbare maximale stroomsterkte van 500 A of meer. |
|
3A231 |
Neutronengeneratorsystemen, met inbegrip van buizen, met beide volgende eigenschappen: a. ontworpen om te werken zonder uitwendig vacuümsysteem, en b. gebruikmaken van elektrostatische versnelling voor het opwekken van een tritium-deuterium-kernreactie. |
|
3E201 |
„Technologie” volgens de algemene technologienoot voor het „gebruik” van apparatuur, bedoeld in 3A228 of 3A231 hierboven . |
|
6A203 |
Camera’s en onderdelen, anders dan bedoeld in 6A003, als hieronder: a. „streak”-camera’s met mechanisch roterende spiegels , als hieronder, en speciaal daarvoor ontworpen onderdelen: 1. „streak”-camera’s met een opnamesnelheid groter dan 0,5 mm per microseconde; b. beeld(„framing”)-camera’s met mechanisch roterende spiegels , als hieronder, en speciaal daarvoor ontworpen onderdelen: 1. beeld(„framing”)-camera’s met een registratiesnelheid groter dan 225 000 beelden per seconde; Noot: De in 6A203.a. bedoelde onderdelen van zulke camera’s zijn onder meer synchroniserende elektronische eenheden en rotorsamenstellen bestaande uit turbines, spiegels en lagers. |
|
6A225 |
Snelheidsinterferometers voor het meten van snelheden van meer dan 1 km per seconde over een tijdsinterval van minder dan 10 μs. Noot: In 6A225 zijn bedoeld snelheidsinterferometers zoals VISARs (Velocity interferometer systems for any reflector) en Dia’s (Doppler laser interferometers) enz. |
|
6A226 |
Druksensoren, als hieronder: a. schokdrukmeters die geschikt zijn voor het meten van druk hoger dan 10 GPa, waaronder meters die zijn gemaakt met manganine, ytterbium en polyvinylideenfluoride (PVDF)/polyvinyldifluoride (PVF2); b. kwartsdrukopnemers voor drukken hoger dan 10 GPa. |