CELEX 02006R1907 · v20251023

1.1. Productidentificatie

Verstrek de productidentificatie overeenkomstig artikel 18, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1272/2008 wanneer het een stof betreft, en overeenkomstig artikel 18, lid 3, onder a), van Verordening (EG) nr. 1272/2008 wanneer het een mengsel betreft, en zoals vermeld op het etiket in de officiële taal/talen van de lidstaat/lidstaten wanneer de stof of het mengsel in de handel is gebracht, tenzij de betrokken lidstaat/lidstaten anders bepaalt/bepalen.

Voor registratieplichtige stoffen moet de productidentificatie overeenkomen met de in de registratie opgegeven productidentificatie en moet het krachtens artikel 20, lid 3, van deze verordening toegekende registratienummer eveneens worden vermeld. Er mogen aanvullende identificaties worden verstrekt, ook als ze niet zijn gebruikt in de registratie.

Zonder afbreuk te doen aan de in artikel 39 van deze verordening vastgestelde verplichtingen voor downstreamgebruikers kan het deel van het registratienummer dat naar de individuele registrant van een gezamenlijke indiening verwijst worden weggelaten door een leverancier die een distributeur of een downstreamgebruiker is, op voorwaarde:

a) 

dat de leverancier de verantwoordelijkheid op zich neemt om op verzoek het volledige registratienummer voor handhavingsdoeleinden te verstrekken of, wanneer hij niet over het volledige registratienummer beschikt, om het verzoek overeenkomstig punt b) door te sturen naar zijn leverancier, en

b) 

dat de leverancier het volledige registratienummer aan de handhavingsautoriteit van de lidstaat (“de handhavingsautoriteit”) verstrekt binnen zeven dagen na ontvangst van een verzoek, dat ofwel direct uitgaat van de handhavingsautoriteit, ofwel is doorgestuurd door zijn afnemer, of dat de leverancier, wanneer hij niet over het volledige registratienummer beschikt, het verzoek binnen zeven dagen na het verzoek doorstuurt naar zijn leverancier en de handhavingsautoriteit daarvan tegelijkertijd op de hoogte stelt.

Er mag één veiligheidsinformatieblad worden verstrekt voor meer dan één stof of mengsel wanneer de informatie in dat veiligheidsinformatieblad voldoet aan de voorschriften van deze bijlage voor elk van die stoffen of mengsels.

Wanneer verschillende vormen van een stof worden behandeld in één veiligheidsinformatieblad, wordt de desbetreffende informatie voor elke vorm opgenomen, waarbij duidelijk wordt aangegeven welke informatie verband houdt met welke vorm. Als alternatief kan per vorm of per groep vormen een afzonderlijk veiligheidsinformatieblad worden opgesteld.

Als het veiligheidsinformatieblad betrekking heeft op een of meer nanovormen of stoffen die nanovormen omvatten, wordt dit aangegeven met het woord “nanovorm”.

Andere identificatiemiddelen

Eventueel mogen ook andere namen of synoniemen waarmee de stof of het mengsel is geëtiketteerd of waaronder het algemeen bekend is, worden verstrekt.

Wanneer het mengsel een unieke formule-identificatie (UFI) heeft overeenkomstig deel A, punt 5, van bijlage VIII bij Verordening (EG) nr. 1272/2008 en die UFI in het veiligheidsinformatieblad wordt vermeld, wordt de UFI in dit punt vermeld.

Source: Content sourced from EUR-Lex and licensed under CC BY 4.0. This is an unofficial presentation; only the official EUR-Lex version is legally authentic.