Article 93 / Onderzoek van en beslissingen inzake beroep
Artikel 93
Onderzoek van en beslissingen inzake beroep
1.
Indien de uitvoerend directeur het beroep na overleg met de voorzitter van de kamer van beroep ontvankelijk en gegrond acht, kan hij het besluit herzien binnen één maand na ontvangst van het beroep overeenkomstig artikel 92, lid 2.
2.
In de andere dan in lid 1 van dit artikel genoemde gevallen onderzoekt de voorzitter van de kamer van beroep binnen 30 dagen nadat het beroep overeenkomstig artikel 92, lid 2, is ingediend of het beroep ontvankelijk is. Is dat het geval, dan wordt het beroep voorgelegd aan de kamer van beroep ter toetsing van de gronden. De partijen bij de beroepsprocedure zijn gerechtigd tijdens de procedure een mondelinge toelichting te geven.
3.
De kamer van beroep kan elke bevoegdheid uitoefenen die binnen de competentie van het Agentschap valt, of de zaak voor verdere behandeling naar het bevoegde orgaan van het Agentschap doorverwijzen.
4.
De procedures voor de kamer van beroep worden door de Commissie vastgesteld volgens de in artikel 133, lid 3, bedoelde procedure.