2.5. Gassen onder druk
2.5. Gassen onder druk
2.5.1.1.
►M4
Onder „gassen onder druk” wordt verstaan gassen die zich bij 20 °C en een druk van 200 kPa (overdruk) of meer in een houder bevinden of die een vloeibaar of een vloeibaar en sterk gekoeld gas zijn. ◄
2.5.1.1. ►M4 Onder „gassen onder druk” wordt verstaan gassen die zich bij 20 °C en een druk van 200 kPa (overdruk) of meer in een houder bevinden of die een vloeibaar of een vloeibaar en sterk gekoeld gas zijn. ◄
Hieronder vallen samengeperste, vloeibare, opgeloste en sterk gekoelde vloeibare gassen.
2.5.1.2. De kritische temperatuur is de temperatuur waarboven een zuiver gas, ongeacht de mate van compressie, niet vloeibaar kan worden gemaakt.
2.5.2.
Indelingscriteria
2.5.2.1. Gassen onder druk worden overeenkomstig tabel 2.5.1 in één van vier groepen ingedeeld, op basis van hun fysische toestand in de verpakking.
2.5.2.1. Gassen onder druk worden overeenkomstig tabel 2.5.1 in één van vier groepen ingedeeld, op basis van hun fysische toestand in de verpakking.
Tabel 2.5.1.
Criteria voor gassen onder druk
|
Groep |
Criteria |
|
Samengeperst gas |
Een gas dat, wanneer het onder druk is verpakt, volledig gasvormig is bij – 50 °C, waaronder alle gassen met een kritische temperatuur van ten hoogste – 50 °C. |
|
Vloeibaar gemaakt gas |
Een gas dat, wanneer het onder druk is verpakt, gedeeltelijk vloeibaar is bij temperaturen hoger dan – 50 °C. Er wordt onderscheid gemaakt tussen: i) bij hoge druk vloeibare gassen: gassen met een kritische temperatuur tussen – 50 °C en + 65 °C, en ii) bij lage druk vloeibare gassen: gassen met een kritische temperatuur van meer dan + 65 °C. |
|
Sterk gekoeld vloeibaar gas |
Een gas dat, wanneer het verpakt is, door de lage temperatuur gedeeltelijk vloeibaar is. |
|
Opgelost gas |
Een gas dat, wanneer het onder druk verpakt is, opgelost is in een oplosmiddel in de vloeistoffase. |
|
Noot: Aerosolen worden niet als gassen onder druk ingedeeld. zie punt 2.3. |
|
2.5.3. Voorlichting over de gevaren
Voor stoffen en mengsels die aan de criteria voor indeling in deze gevarenklasse voldoen, worden de in tabel 2.5.2 vermelde etiketteringselementen gebruikt.
Tabel 2.5.2.
Etiketteringselementen voor gassen onder druk
|
Indeling |
Samengeperst gas |
Vloeibaar gemaakt gas |
Sterk gekoeld vloeibaar gas |
Opgelost gas |
|
GHS-pictogrammen |
|
|
|
|
|
Signaalwoord |
Waarschuwing |
Waarschuwing |
Waarschuwing |
Waarschuwing |
|
Gevarenaanduiding |
H280: Bevat gas onder druk; kan ontploffen bij verwarming |
H280: Bevat gas onder druk; kan ontploffen bij verwarming |
H281: Bevat sterk gekoeld gas; kan cryogene brandwonden of letsel veroorzaken |
H280: Bevat gas onder druk; kan ontploffen bij verwarming |
|
Veiligheidsaanbevelingen i.v.m. preventie |
|
|
P282 |
|
|
Veiligheidsaanbevelingen i.v.m. reactie |
|
|
P336 + P315 |
|
|
Veiligheidsaanbevelingen i.v.m. opslag |
P410 + P403 |
P410 + P403 |
P403 |
P410 + P403 |
|
Veiligheidsaanbevelingen i.v.m. verwijdering |
|
|
|
|
Noot
Pictogram GHS04 is niet vereist voor gassen onder druk die voorzien zijn van pictogram GHS02 of pictogram GHS06.
2.5.4. Aanvullende overwegingen bij de indeling
Voor deze groep gassen moet de volgende informatie bekend zijn:
De gegevens kunnen aan de literatuur worden ontleend, worden berekend of proefondervindelijk worden bepaald. De meeste zuivere gassen zijn al ingedeeld in de UN RTDG, Model Regulations.