1.2.3. Gevarenaanduidingen voor voortplantingstoxiciteit
De gevarenaanduidingen H360 en H361 duiden op een algemeen risico voor de vruchtbaarheid en/of ontwikkeling: „Kan de vruchtbaarheid of het ongeboren kind schaden” en „Wordt ervan verdacht de vruchtbaarheid of het ongeboren kind te schaden”. In voorkomend geval kan de algemene gevarenaanduiding worden vervangen door een specifiekere gevarenaanduiding overeenkomstig punt 1.1.2.1.2, waarin wordt aangeven om welk gevaar het gaat. Wanneer de andere onderverdeling niet wordt genoemd, is dit ofwel omdat er bewijs is dat dat gevaar niet bestaat, ofwel omdat de gegevens geen uitsluitsel geven, ofwel omdat er geen gegevens zijn. In dat geval zijn de verplichtingen van artikel 4, lid 3, van toepassing op die onderverdeling.
Om informatie betreffende geharmoniseerde indelingen voor effecten op de vruchtbaarheid en/of ontwikkelingsstoornissen overeenkomstig Richtlijn 67/548/EEG niet verloren te laten gaan, zijn de indelingen uitsluitend voor de effecten met een indeling overeenkomstig die richtlijn omgezet.
Die gevarenaanduidingen zijn in tabel 3 met *** aangegeven.