3.3.3. Indelingscriteria voor mengsels
3.3.3.1. Indeling van mengsels wanneer gegevens over het mengsel als geheel beschikbaar zijn
|
3.3.3.1.1. |
Het mengsel wordt ingedeeld aan de hand van de criteria voor stoffen, waarbij rekening wordt gehouden met de gefaseerde aanpak om gegevens voor deze gevarenklasse te evalueren. |
|
3.3.3.1.2. |
Wanneer wordt overwogen of een mengsel met het oog op indeling moet worden getest, wordt aangeraden een gefaseerde aanpak op basis van bewijskracht te volgen, zoals beschreven in de indelingscriteria voor stoffen ten aanzien van huidcorrosie en ernstig oogletsel/oogirritatie, zodat de indeling nauwkeurig geschiedt en onnodige dierproeven worden vermeden. Bij ontbreken van andere informatie wordt een mengsel geacht ernstig oogletsel te veroorzaken (categorie 1) als het een pH-waarde van 2 of lager, dan wel van 11,5 of hoger heeft. Indien echter op basis van de zuur-/alkalireserve wordt vermoed dat het mengsel ondanks de hoge of lage pH-waarde geen ernstig oogletsel veroorzaakt, dient dit te worden bevestigd door andere gegevens (bij voorkeur gegevens uit een passende gevalideerde in-vitrotest). |
3.3.3.2. Indeling van mengsels wanneer geen gegevens over het mengsel als geheel beschikbaar zijn: extrapolatieprincipes
|
3.3.3.2.1. |
Wanneer het mengsel zelf niet op huidcorrosie of ernstig oogletsel/oogirritatie is getest, maar wel voldoende gegevens over de afzonderlijke bestanddelen en over soortgelijke geteste mengsels beschikbaar zijn om de gevaren van het mengsel adequaat te typeren, worden deze gegevens gebruikt overeenkomstig de extrapolatieregels in punt 1.1.3. |
3.3.3.3. Indeling van mengsels wanneer gegevens over alle of sommige bestanddelen beschikbaar zijn
|
3.3.3.3.1. |
Om bij de gevarenindeling voor ernstig oogletsel/oogirritatie van mengsels gebruik te kunnen maken van alle beschikbare gegevens, is het volgende uitgangspunt geformuleerd dat bij de gefaseerde aanpak in voorkomend geval wordt gevolgd: de „relevante bestanddelen” van een mengsel zijn de bestanddelen die in concentraties van ten minste 1 % (gewichtspercent voor vaste stoffen, vloeistoffen, stofdeeltjes, nevels en dampen; volumepercent voor gassen) aanwezig zijn, tenzij verondersteld wordt dat een bestanddeel dat in een lagere concentratie dan 1 % aanwezig is, toch relevant is voor de indeling van het mengsel voor ernstig oogletsel/oogirritatie (bv. bestanddelen die bijtend zijn voor de huid). |
|
3.3.3.3.2. |
Wanneer gegevens over de bestanddelen van een mengsel beschikbaar zijn, maar niet over het mengsel als geheel, wordt de indeling van het mengsel als ernstig oogletsel veroorzakend of als irriterend voor de ogen in het algemeen gebaseerd op de somtheorie, dat wil zeggen dat elk bestanddeel dat bijtend is voor de huid, ernstig oogletsel veroorzaakt of irriterend is voor de ogen naar rato van zijn potentie en concentratie bijdraagt tot de algehele eigenschappen van het mengsel wat ernstig oogletsel/oogirritatie betreft. Een wegingsfactor van 10 wordt toegepast voor bestanddelen die bijtend zijn voor de huid of ernstig oogletsel veroorzaken en die in een concentratie onder de algemene concentratiegrens voor indeling in categorie 1 aanwezig zijn, maar wel in een concentratie die bijdraagt tot de indeling van het mengsel als irriterend voor de ogen. Het mengsel wordt als ernstig oogletsel veroorzakend of als irriterend voor de ogen ingedeeld als de som van de concentraties van dergelijke bestanddelen een concentratiegrens overschrijdt. |
|
3.3.3.3.3. |
In tabel 3.3.3 zijn de algemene concentratiegrenzen vermeld voor de indeling van mengsels als ernstig oogletsel veroorzakend of als irriterend voor de ogen. |
|
3.3.3.3.4.1. |
Aan de indeling van bepaalde soorten mengsels, die stoffen als zuren en basen, anorganische zouten, aldehyden, fenolen en oppervlakteactieve stoffen bevatten, moet bijzondere zorg worden besteed. De aanpak die beschreven is in de punten 3.3.3.3.1 en 3.3.3.3.2, is mogelijk niet bruikbaar omdat dergelijke stoffen veelal ernstig oogletsel veroorzaken of irriterend zijn voor de ogen bij concentraties van minder dan 1 %. |
|
3.3.3.3.4.2. |
Voor mengsels die sterke zuren of basen bevatten, wordt de pH-waarde als indelingscriterium gebruikt (zie punt 3.3.3.1.2) omdat deze een betere indicator voor ernstig oogletsel is (op basis van de zuur-/alkalireserve) dan de algemene concentratiegrenzen in tabel 3.3.3. |
|
3.3.3.3.4.3. |
Een mengsel dat bestanddelen bevat die bijtend zijn voor de huid of ernstig oogletsel veroorzaken/irriterend voor de ogen zijn en dat niet volgens de somaanpak (tabel 3.3.3) kan worden ingedeeld omdat deze aanpak wegens chemische eigenschappen onwerkbaar is, wordt ingedeeld als ernstig oogletsel veroorzakend (categorie 1) als het voor ten minste 1 % bestaat uit een bestanddeel dat is ingedeeld als bijtend voor de huid of oogletsel veroorzakend en als irriterend voor de ogen (categorie 2) als het voor ten minste 3 % bestaat uit een bestanddeel dat irriterend is voor de ogen. De indeling van mengsels met bestanddelen waarvoor de aanpak van tabel 3.3.3 ongeschikt is, is samengevat in tabel 3.3.4. |
|
3.3.3.3.5. |
Het kan voorkomen dat betrouwbare gegevens uitwijzen dat de effecten van ernstig oogletsel/oogirritatie van een bestanddeel zich niet voordoen wanneer het bestanddeel aanwezig is in een hoeveelheid gelijk aan of boven de algemene concentratiegrenzen in de tabellen 3.3.3 en 3.3.4 in punt 3.3.3.3.6. In deze gevallen wordt het mengsel overeenkomstig die gegevens ingedeeld (zie ook de artikelen 10 en 11). In andere gevallen, wanneer verwacht wordt dat het gevaar voor huidcorrosie/-irritatie of de effecten van ernstig oogletsel/oogirritatie van een bestanddeel zich niet voordoen wanneer het bestanddeel aanwezig is in een hoeveelheid gelijk aan of boven de algemene concentratiegrenzen in de tabellen 3.3.3 en 3.3.4, moet worden overwogen het mengsel te testen. In deze gevallen wordt een gefaseerde aanpak op basis van bewijskracht gevolgd. |
|
3.3.3.3.6. |
Als er gegevens zijn waaruit blijkt dat een of meer bestanddelen bijtend voor de huid zijn of ernstig oogletsel veroorzaken/irriterend zijn voor de ogen bij een concentratie van minder dan 1 % (bijtend voor de huid of ernstig oogletsel veroorzakend) of minder dan 3 % (irriterend voor de ogen), wordt het mengsel dienovereenkomstig ingedeeld. |
Tabel 3.3.3
Algemene concentratiegrenzen voor voor huidcorrosie (categorie 1, 1A, 1B of 1C) en/of ernstig oogletsel (categorie 1) of oogirritatie (categorie 2) ingedeelde bestanddelen die bepalen of het mengsel wordt ingedeeld voor ernstig oogletsel/oogirritatie, wanneer de somaanpak van toepassing is
|
Som van bestanddelen ingedeeld in: |
Concentratie waarbij het mengsel wordt ingedeeld voor: |
|
|
Ernstig oogletsel |
Oogirritatie |
|
|
Categorie 1 |
Categorie 2 |
|
|
Subcategorie 1A, 1B, 1C of categorie 1 (huidcorrosie) + ernstig oogletsel (categorie 1) () |
≥ 3 % |
≥ 1 % maar < 3 % |
|
Oogirritatie (categorie 2) |
|
≥ 10 % |
|
10 × (Subcategorie 1A, 1B, 1C of categorie 1 (huidcorrosie) + ernstig oogletsel (categorie 1)) + oogirritatie (categorie 2) |
|
≥ 10 % |
|
(1)
Als een bestanddeel wordt ingedeeld in zowel subcategorie 1A, 1B, 1C of categorie 1 (huidcorrosie) als ernstig oogletsel (categorie 1), wordt de concentratie ervan slechts eenmaal opgenomen in de berekening. |
||
Tabel 3.3.4
Algemene concentratiegrenzen voor bestanddelen die bepalen of het mengsel wordt ingedeeld voor ernstig oogletsel (categorie 1) of oogirritatie (categorie 2), wanneer de somaanpak niet van toepassing is
|
Bestanddeel |
Concentratie |
Mengsel wordt ingedeeld voor: |
|
Zuur met pH ≤ 2 |
≥ 1 % |
Ernstig oogletsel (categorie 1) |
|
Base met pH ≥ 11,5 |
≥ 1 % |
Ernstig oogletsel (categorie 1) |
|
Andere bestanddelen die zijn ingedeeld voor huidcorrosie (subcategorie 1A, 1B of 1C of categorie 1) of ernstig oogletsel (categorie 1) |
≥ 1 % |
Ernstig oogletsel (categorie 1) |
|
Andere bestanddelen die zijn ingedeeld voor oogirritatie (categorie 2) |
≥ 3 % |
Oogirritatie (categorie 2) |