3.4.3. Indelingscriteria voor mengsels
3.4.3.1. Indeling van mengsels wanneer gegevens over het mengsel als geheel beschikbaar zijn
3.4.3.1.1. Wanneer voor het mengsel betrouwbare, kwalitatief goede gegevens op basis van ervaringen van mensen of passende dierproeven beschikbaar zijn, zoals beschreven in de criteria voor stoffen, kan het worden ingedeeld op grond van de bepaling van de bewijskracht van deze gegevens. Bij de evaluatie van de gegevens over mengsels wordt erop gelet dat de gebruikte dosis niet zodanig is dat de resultaten niet overtuigend zijn.
3.4.3.2. Indeling van mengsels wanneer geen gegevens over het mengsel als geheel beschikbaar zijn: extrapolatieprincipes
3.4.3.2.1. Wanneer een mengsel zelf niet op sensibiliserende eigenschappen is getest, maar wel voldoende gegevens over de afzonderlijke bestanddelen en over soortgelijke geteste mengsels beschikbaar zijn om de gevaren van het mengsel adequaat te typeren, worden deze gegevens gebruikt overeenkomstig de extrapolatieregels in punt 1.1.3.
3.4.3.3. Indeling van mengsels wanneer gegevens over alle of sommige bestanddelen beschikbaar zijn
3.4.3.3.1. Het mengsel wordt als inhalatie- of huidallergeen ingedeeld als ten minste één bestanddeel als inhalatie- of huidallergeen is ingedeeld en ten minste in een hoeveelheid van de in ►M2 tabel 3.4.5 ◄ vermelde algemene concentratiegrens voor vaste/vloeibare stoffen en gassen in het mengsel aanwezig is.
3.4.3.3.2. Sommige als allergenen ingedeelde stoffen kunnen bij reeds voor de stof of het mengsel gesensibiliseerde personen een reactie bewerkstelligen wanneer zij in een mengsel aanwezig zijn in een hoeveelheid beneden de in ►M2 tabel 3.4.5 ◄ vermelde concentraties (zie noot 1 bij ►M2 tabel 3.4.6 ◄ ).
Tabel 3.4.5
Algemene concentratiegrenzen voor als inhalatie- of huidallergeen ingedeelde bestanddelen van een mengsel waarbij het mengsel wordt ingedeeld
|
Bestanddeel ingedeeld als: |
Algemene concentratiegrenzen waarbij het mengsel wordt ingedeeld als: |
||
|
Inhalatieallergeen categorie 1 |
Huidallergeen categorie 1 |
||
|
Vaste/vloeibare stof |
Gas |
Alle fysische toestanden |
|
|
Inhalatieallergeen categorie 1 |
≥ 1,0 % |
≥ 0,2 % |
|
|
Inhalatieallergeen subcategorie 1A |
≥ 0,1 % |
≥ 0,1 % |
|
|
Inhalatieallergeen subcategorie 1B |
≥ 1,0 % |
≥ 0,2 % |
|
|
Huidallergeen categorie 1 |
|
|
≥ 1,0 % |
|
Huidallergeen subcategorie 1A |
|
|
≥ 0,1 % |
|
Huidallergeen subcategorie 1B |
|
|
≥ 1,0 % |
Tabel 3.4.6
Concentratiegrenzen voor elicitatie van bestanddelen van een mengsel
|
Bestanddeel ingedeeld als: |
Concentratiegrenzen voor elicitatie |
||
|
Inhalatieallergeen categorie 1 |
Huidallergeen categorie 1 |
||
|
Vaste/vloeibare stof |
Gas |
Alle fysische toestanden |
|
|
Inhalatieallergeen categorie 1 |
≥ 0,1 % (noot 1) |
≥ 0,1 % (noot 1) |
|
|
Inhalatieallergeen subcategorie 1A |
≥ 0,01 % (noot 1) |
≥ 0,01 % (noot 1) |
|
|
Inhalatieallergeen subcategorie 1B |
≥ 0,1 % (noot 1) |
≥ 0,1 % (noot 1) |
|
|
Huidallergeen categorie 1 |
|
|
≥ 0,1 % (noot 1) |
|
Huidallergeen subcategorie 1A |
|
|
≥ 0,01 % (noot 1) |
|
Huidallergeen subcategorie 1B |
|
|
≥ 0,1 % (noot 1) |
Noot 1:
Deze concentratiegrens voor elicitatie wordt gebruikt voor de toepassing van de speciale etiketteringsvoorschriften van bijlage II, afdeling 2.8, ter bescherming van al gesensibiliseerde personen. Voor mengsels die een bestanddeel bevatten in een hoeveelheid gelijk aan of boven deze concentratie, is een veiligheidsinformatieblad vereist. Voor sensibiliserende stoffen met een specifieke concentratiegrens wordt de concentratiegrens voor elicitatie op een tiende van de specifieke concentratiegrens gesteld.