2.1.2. Indelingscriteria
2.1.2.1. Stoffen, mengsels en voorwerpen van deze klasse worden als instabiele ontplofbare stoffen ingedeeld op basis van de flowchart in figuur 2.1.2. ►M4 De testmethoden staan beschreven in deel I van de UN RTDG, Manual of Tests and Criteria. ◄
2.1.2.2. Stoffen, mengsels en voorwerpen van deze klasse die niet als instabiele ontplofbare stof zijn ingedeeld, worden aan de hand van het soort gevaar dat zij opleveren in een van de volgende subklassen ingedeeld:
Subklasse 1.1 stoffen, mengsels en voorwerpen met gevaar voor massa-explosie (een massa-explosie is een explosie die vrijwel onmiddellijk nagenoeg de volledige aanwezige hoeveelheid treft);
Subklasse 1.2 stoffen, mengsels en voorwerpen met gevaar voor scherfwerking, maar zonder gevaar voor massa-explosie;
Subklasse 1.3 stoffen, mengsels en voorwerpen met gevaar voor brand en hetzij een gering gevaar voor luchtdrukwerking, hetzij een gering gevaar voor scherfwerking, of beide, maar zonder gevaar voor massa-explosie:
waarvan de verbranding aanzienlijke warmtestraling oplevert; of
die een voor een uitbranden, waarbij een geringe luchtdruk- of scherfwerking, of beide, optreden;
Subklasse 1.4 stoffen, mengsels en voorwerpen die geen groot gevaar opleveren:
Subklasse 1.5 zeer weinig gevoelige stoffen of mengsels met gevaar voor massa-explosie:
Subklasse 1.6 extreem weinig gevoelige voorwerpen zonder gevaar voor massa-explosie:
2.1.2.3. Ontplofbare stoffen die niet als instabiele ontplofbare stof zijn ingedeeld, worden in een van de zes, in punt 2.1.2.2 van deze bijlage bedoelde subklassen ingedeeld op basis de testreeksen 2 tot en met 8 in deel I van de ►M4 UN RTDG ◄ , Manual of Tests and Criteria aan de hand van de resultaten van de in tabel 2.1.1 vermelde tests:
Tabel 2.1.1
Criteria voor ontplofbare stoffen
|
Categorie |
Criteria |
|
Instabiele ontplofbare stoffen of ontplofbare stoffen van de subklassen 1.1 t/m 1.6 |
Voor ontplofbare stoffen van de subklassen 1.1 tot en met 1.6 wordt de volgende basistestreeks uitgevoerd: |
|
Ontplofbaarheid: VN-testreeks 2 (afdeling 12 van de ►M4 UN RTDG ◄ , Manual of Tests and Criteria). Intentionele ontplofbare stoffen () worden niet aan VN-testreeks 2 onderworpen. |
|
|
Gevoeligheid: VN-testreeks 3 (afdeling 13 van de ►M4 UN RTDG ◄ , Manual of Tests and Criteria). |
|
|
Thermische stabiliteit: VN-testreeks 3(c) (onderafdeling 13.6.1 van de ►M4 UN RTDG ◄ , Manual of Tests and Criteria). Nadere tests zijn noodzakelijk voor de indeling in de juiste subklasse. |
|
|
(1)
Hieronder vallen stoffen, mengsels en voorwerpen die vervaardigd zijn om een praktisch explosief of pyrotechnisch effect teweeg te brengen. |
|
2.1.2.4. Als ontplofbare stoffen onverpakt zijn of zijn herverpakt in een andere verpakking dan de oorspronkelijke verpakking of een soortgelijke verpakking, worden zij opnieuw getest.